5.1 Wie kan in de procedure tussenkomen?

De volgende belanghebbenden kunnen tussenkomen in een beroep ingesteld met betrekking tot een stedenbouwkundige of verkavelingsvergunning, valideringsbeslissing of registratiebeslissing of (stedenbouwkundige) melding:

  1. de aanvrager van de vergunning of van het as-builtattest, de persoon die de melding heeft verricht, respectievelijk de persoon die beschikt over zakelijke of persoonlijke rechten ten aanzien van een constructie die het voorwerp uitmaakt van een registratiebeslissing, of die deze constructie feitelijk gebruikt;
  2. de bij het dossier betrokken vergunningverlenende bestuursorganen;
  3. elke natuurlijke persoon of rechtspersoon die rechtstreekse of onrechtstreekse hinder of nadelen kan ondervinden als gevolg van de vergunnings-, validerings- of registratiebeslissing of aktename van een melding;
  4. procesbekwame verenigingen die optreden namens een groep wiens collectieve belangen door de vergunnings-, validerings- of registratiebeslissing of aktename van een melding zijn bedreigd of geschaad, voor zover zij beschikken over een duurzame en effectieve werking overeenkomstig de statuten;
  5. de leidend ambtenaar van het departement of, bij afwezigheid, diens gemachtigde voor vergunningen die afgegeven zijn binnen de reguliere procedure, behalve in de gevallen, vermeld in artikel 4.7.19, § 1, derde lid VCRO;
  6. de leidend ambtenaar of, bij afwezigheid, diens gemachtigde van het departement of agentschap waartoe de adviserende instantie behoort, aangewezen krachtens artikel 4.7.16, § 1, eerste lid VCRO, respectievelijk artikel 4.7.26, § 4, 2° VCRO, op voorwaarde dat die instantie tijdig advies heeft verstrekt of ten onrechte niet om advies werd verzocht;
  7. het college van burgemeester en schepenen voor vergunningen, afgegeven binnen de bijzondere procedure, op voorwaarde dat het tijdig advies heeft verstrekt krachtens artikel 4.7.26, § 4, eerste lid, 2° VCRO, of ten onrechte niet om advies werd verzocht.

Zie ook de artikelen 4.8.11, §1, eerste lid VCRO en 4.8.21 VCRO.

De volgende belanghebbenden kunnen tussenkomen in een beroep ingesteld met betrekking tot een omgevingsvergunning of -melding:

  1. de vergunningsaanvrager, de vergunninghouder, de exploitant of de persoon die de melding heeft verricht;
  2. het betrokken publiek;
  3. de leidend ambtenaar van de adviesinstanties, vermeld in artikel 24 of in artikel 42 van het Omgevingsvergunningsdecreet of bij zijn afwezigheid zijn gemachtigde, als die instantie tijdig advies heeft verstrekt of als aan hem ten onrechte niet om advies werd verzocht;
  4. het college van burgemeester en schepenen als het tijdig advies heeft verstrekt of als het ten onrechte niet om advies werd verzocht;
  5. de leidend ambtenaar van het Departement Leefmilieu, Natuur en Energie (huidig Departement Omgeving) of bij zijn afwezigheid zijn gemachtigde;
  6. de leidend ambtenaar van het Departement Ruimtelijke Ordening, Woonbeleid en Onroerend Erfgoed (huidig Departement Omgeving) of bij zijn afwezigheid zijn gemachtigde.

Zie ook artikel 105 Omgevingsvergunningsdecreet.